Een adaptief oefenprogramma

Rekenblobs is een adaptief oefenprogramma dat zich automatisch aanpast aan het rekenniveau van de leerling. Hierdoor is het zeer geschikt om in te zetten in een klassensituatie waar zich kinderen met verschillende rekenniveaus bevinden. Voor de goede rekenaars zullen snel de moeilijkere sommen worden aangeboden terwijl de zwakke rekenaars veel meer herhaling krijgen en pas verder gaan als zij de basale sommen voldoende beheersen. Rekenblobs is op meerdere niveaus adaptief:

  • Ieder kind start op het eigen niveau. Aan de hand van een korte instaptoets wordt het startniveau van de individuele leerling bepaald. Op basis van de resultaten worden direct vanaf het begin de juiste groepen sommen geselecteerd waar het kind aan toe is.
  • Aan de hand van de antwoorden die het kind geeft, wordt na iedere spelronde opnieuw bepaald of het kind toe is aan de volgende groep sommen of dat de betreffende groep (denk bijvoorbeeld aan een rekentafel) nogmaals moet worden aangeboden.
  • Ook binnen iedere oefensessie worden de sommen direct afgestemd op het kind! Als het kind bijvoorbeeld een som niet weet, dan eerst een makkelijke som aangeboden en komt vervolgens de moeilijkere som direct terug. De rekensommen worden aanvankelijk individueel aangeboden en net zolang herhaald totdat deze door de leerling beheerst worden. Daarna worden binnen de oefensessie de sommen van een bepaald rekenniveau of rekentafel pas door elkaar aangeboden.
  • Per kind wordt bijgehouden hoe lang geleden het is dat een som in aangeboden. Als enige tijd is verstreken gaat het programma er vanuit dat de som mogelijk is weggezakt en wordt de som ter herhaling aangeboden. Als het kind de som na meerdere herhalingen steeds goed beantwoordt, zal de som uiteindelijk minder snel terug komen.
  • Rekenblobs ¬†gaat zelfs nog een stapje verder: Er wordt in het programma namelijk ook rekening gehouden met verschillen tussen kinderen in hoe hoelang het duurt voordat beheerste rekenstof is weggezakt. Bij sommige kinderen blijven rekenfeiten nou eenmaal makkelijk in het geheugen hangen terwijl bij anderen er veel vaker herhaald moet worden. Het ene kind zal dus over de gehele lijn meer herhaling krijgen aangeboden dan het andere kind.